
Direct voor de camping
Natuurstrand
Kilometers kiezels en stenen, geen boulevard en geen beton. 's Avonds staat de zon er pal voor.
Een echt natuurstrandgeen boulevard, geen beton
Het strand voor de camping bestaat uit kiezels en stenen en loopt kilometers door, beide kanten op. Er is geen boulevard, geen vlonderpad en er staan geen strandstoelen. Zoek je zand en een rij strandstoelen, dan bevalt de oostkant van het eiland je beter.
Hoe het strand er op een dag bij ligt, hangt af van het weer van de afgelopen weken: hier fijn grind, daar stenen waarbij je moet kijken waar je loopt. De waterstand praat mee. Getij heeft de Oostzee nauwelijks, tussen hoog en laag zit maar een paar centimeter. Wat het peil echt beweegt is de wind: waait die dagenlang uit dezelfde hoek, dan staat het water flink hoger of juist veel lager, en ligt het strand er daarna anders bij.
Het water loopt flauw af, wat met kleine kinderen prettig is en op blote voeten minder. Strandschoenen horen hier bij de uitrusting, om het water in te gaan en voor langere wandelingen. Zouter dan een zwembad is de Oostzee wel, maar lang niet zo zout als de Noordzee: je drijft er minder goed, maar je ogen prikken nauwelijks.

Het reservaat ernaast, 's avonds de zonhet moment waar iedereen op wacht
Pal naast het strand begint het NABU-watervogelreservaat Wallnau. Vanaf de dijk merk je dat vooral in het voorjaar, als er op het terrein alles tegelijk broedt en het navenant luid is. Naar binnen ga je via de ingang van het reservaat en niet vanaf het strandpad; de natte delen zelf zijn beschermd gebied en blijven onbetreden.
's Avonds draait alles naar het westen, en het strand kijkt precies die kant op. Wanneer dat gebeurt, verschuift in de loop van het seizoen flink: in juni blijft het licht tot bijna tien uur, half september is de zon al voor achten weg. In hoogzomer schuif je het eten dus eerder naar voren dan naar achteren.
Omdat niemand dit strand exploiteert, ruimt er ook niemand op. Wat aanspoelt blijft liggen tot de volgende golf het terugneemt: vooral zeegras, na stormen in hele wallen, en dat ruik je ook. Een aangeharkt strand ziet er anders uit. Daar staat tegenover dat er op de vloedlijn dingen liggen die op een aangeharkt strand allang weggeschoven waren.

Wat je op het strand vindtstenen, vogels, avondlicht

Stenen en schelpen zoeken
De stenen hier zijn zwerfstenen: gletsjers hebben ze in de ijstijd vanuit Scandinavië hierheen geschoven. Belemnieten zijn versteende inktvissen uit het Krijt, zo lang als een vinger en vooraan spits. Daarnaast vuursteen, stenen met een gat erin en met wat geluk barnsteen. Je moet alleen langzaam genoeg lopen.
Het watervogelreservaat
Het NABU-terrein grenst direct aan de camping. Vanuit de kijkhutten kom je dichter bij de vogels dan vanaf de dijk ooit zou lukken, omdat ze je daar niet zien. Openingstijden en entree regelt het NABU zelf.
Zonsondergang aan de westkust
Het strand kijkt naar het westen, zonder huis of boom ertussen. De zon zakt het water in, elke avond net even anders. Vandaar de naam Sunset Coast.
Wandelen zonder eind
Kilometers, beide kanten op, en hoe verder je loopt, hoe minder mensen je tegenkomt. Het pad naar Bojendorf gaat over de dijk; daar ligt ook het hondenstrand.
Voordat je vertrektkort samengevat
- Neem strandschoenen mee: het strand bestaat uit kiezels en stenen, niet uit zand
- De strandopgang ligt vlak bij de camping, een paar passen over de dijk
- Blijf in het watervogelreservaat op de paden en houd honden aan de lijn
- Het hondenstrand ligt richting Bojendorf, ook te bereiken over de dijk
- Voor de zonsondergang loont het om een halfuur eerder te zijn
- Na stormen ligt er zeegras op de vloedlijn: dat hoort erbij en wordt niet weggehaald